7 APR
2019

10 vragen voor .. Han Peeneman!

Gepubliceerd: 2019-04-07 19:31   |   Laatste wijziging: 2019-04-07 23:29   |   104x bekeken
1. Dit telt als 1 vraag: Wat is je leeftijd, gewicht, lengte, maximum hartslag, rustpols, hoe lang ben je al HWV'er en welk fietsmerk rij je?
Ik ben 28 jaar, 68kg en 1.84m. Mijn rusthartslag is 54 en mijn max 192. Ik fiets vanaf 2005 voor HWV en het jaar erna begonnen met wedstrijden. Ik rijd op een Sensa Giuliaero.

2. Hoe ben je begonnen met wielrennen?
Mijn broer Gerjan deed aan wielrennen. Toen de ronde van Gramsbergen werd gereden deed hij mee en gingen wij kijken. Ik vond het geweldig om te zien en wist meteen dat ik dat ook wilde. Gerjan had nog een oude fiets die ik kon gebruiken. Bij de fietsenmaker kocht ik pedalen met toeclips en in mengelmoes van oude kleding van Gerjan, kon ik van start. Ik weet nog goed dat we als eerste een rondje Bergentheim gingen doen en hoe trots ik was dat ik maar liefst 34km gefietst had ;)

3. Welke (sport)prestatie ben je het meest trots op?
Het meest trots ben ik op mijn overwinning in de ronde van Hasselt in 2015. Het was een van de laatste wedstrijden van dat jaar en ik wilde heel graag nog een wedstrijd winnen. Het was voor mijn doen een erg goed jaar geweest met meerdere podiumplekken, maar ik had dat seizoen nog geen officiële KNWU koers gewonnen. De dinsdag ervoor won ik de ICW in Emmen en ik wist dus dat ik in orde was. Al vroeg in de koers reed ik weg met een andere renner en we bleven weg. We dubbelden het peloton en schoten meteen door naar voren. Ik wilde het niet op een sprint aan laten komen, aangezien ik merkte dat die andere jongen explosiever was. Om hem te verrassen reed ik 10 ronden voor het eind bij hem weg, maar een aantal gedubbelde renners uit het peloton hielpen hem en pakten mij weer terug. Toen de gedubbelden uit koers gingen deed ik een nieuwe poging, maar het verrassingseffect was natuurlijk wel weg. Na een ultieme demarrage brak hij uiteindelijk en kon ik de laatste ronden alleen door en solo over de streep komen.

4. Wat zijn je ambities voor dit jaar?
Ik hoop minimaal 1 podiumplek te halen dit jaar. Mijn niveau is op dit moment wat lager dan andere jaren, omdat ik wat minder getraind heb. Ik ben in september gestart met een opleiding naast m’n werk, dus het fietsen staat op een iets lager pitje. Ik wil wel proberen zoveel mogelijk wedstrijden te rijden en samen met de ploeg mooie resultaten te halen.

5. Als je een profkoers mag uitkiezen die je het liefst zou willen rijden, welke is dat en waarom?
Koersen als de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix vind ik de mooiste wedstrijden om te zien, maar om ze zelf te rijden, stuiterend over de kasseien, lijkt mij wat minder. Dan zou ik liever willen ervaren hoe het is om een grote ronde te rijden.

6. Wat is de langste afstand die je ooit gefietst hebt en wat is het verhaal daarachter?
Ik ben niet zo’n kilometervreter, maar ik heb onder andere twee keer de Marmotte gereden en een keer op 1 dag de Mont Ventoux van drie kanten beklommen. Vooral de tweede keer de Marmotte was een drama. De Croix de Fer ging nog prima. We daalden af naar de voet van de Telegraphe waar ik een koud flesje cola leegdronk. We waren nog maar een paar kilometer de Telegraphe op, toen die koude suikerbom in mijn maag me begon op te breken en ik in mijn eigen tempo verder moest. Op de Galibier kreeg ik vervolgens nog een hongerklop en ben ik bij een restaurantje afgestapt. Twee crêpes weggewerkt en met volle moed door naar de top, afdalen en de Alpe D’Huez nog op. Aangezien de dag erna de Tour de France de Alpe D’Huez op moest, stond de hele berg vol met mensen. Die konden dus allemaal zien dat ik haast kruipend naar boven ging. Ik was zo kapot dat ik een uur en 45 minuten nodig had om boven te komen.

7. Wat is de vervelendste valpartij die je hebt gehad en wat was de schade?
Hoewel ik zeker als nieuweling/junior de nodige valpartijen heb meegemaakt, heb ik nog nooit wat gebroken. 1 van de vervelendste valpartijen was die in de ronde van Borger waar ik met mijn kin over het asfalt knalde en een ‘mooi’ litteken aan over heb gehouden.

8. Stel, we trekken de sprint aan en de HWV-trein bestaat uit 6 blauw zwarte shirts. Op welke plek in de trein zit jij en waarom?
Bij de amateurs zie je niet zo gek vaak een sprinttrein en als het er op aan komt is het ook maar de vraag hoeveel renners nog zin en de puf hebben om een sprint aan te trekken. Ik zou dan ook meer degene zijn die voordat het op een sprint aankomt al compleet leeggereden is, in een poging om met een kopgroep weg te komen. Als het dan wel tot een sprint zou komen, zou ik 1 van de eerste wagonnetjes moeten zijn die het tempo hoog houdt en eventuele vluchters probeert terug te pakken. Ik ben in ieder geval niet snel genoeg om het af te maken in een massasprint.

9. Wielrennen is afzien. Welk moment in je fietscarrière heb je het meeste afgezien en heb je daar nu nog last van?
Daar zijn genoeg voorbeelden van te verzinnen, maar mijn laatste klassieker als junior vind ik denk ik de mooiste. Als nieuweling en junior werd ik in klassiekers eigenlijk standaard vrij snel gelost. Meestal liet ik me in de neutralisatie naar achteren drukken, zat ik achteraan als de wedstrijd vrijgegeven werd en ging het vervolgens in waaiers. Als je dan dus achteraan zat, kwam je vrij snel op een te grote achterstand en werd je door de bezemwagen uit koers gehaald. Als 2e jaars junior had ik dat jaar nog geen klassieker uitgereden en kreeg in de omloop van de Veenkoloniën mijn laatste kans. Het waaide hard en het werd 1 groot slagveld. Van de 150 renners finishten na 130 kilometer koers zo’n 35 man. Ik had zo afgezien dat ik bijna jankend over de streep kwam.

10. Aan welk lid geef jij de pen door en heb je nog een specifieke vraag voor die persoon?
De vraag van Robbie was: Wat was jouw grootste knak moment in je wielercarrière. Misschien iets met 86kg zwaar en een BBQ rek in zijn hand? ????
Tja, wat moet ik daarvan zeggen. Twee jaar terug ging ik met Bert en Robbie fietsen in de Vogezen. Ik weet niet wat Robbie allemaal voor spul gebruikte op dat moment, maar hij was onnavolgbaar. Halverwege een beklimming zat ik af en toe voorzichtig naar beneden te kijken of ik nog een tandje lichter kon schakelen, want de benen begonnen wat te protesteren. Ik had al een speciaal een 34 voorblad gestoken en zie dat ik achter nog twee tandjes over heb. Opeens hoor ik achter me Robbie (A.K.A. de walrus) schelden en prutsen met z’n versnellingsapparaat. Ik denk nog bij mezelf: ha, knap dat hij er nog bij zit, die zal wel foeteren dat hij niet meer terug kan schakelen. Nog wat beter luisterend hoor ik opeens iets van: “ik krijg dat rotding niet op het buitenblad”. Na een minuutje prutsen hoor je de ketting naar het buitenblad glijden en knalde Robbie er vandoor. De rest van de dag hebben we hem niet meer terug gezien. De volgende dag besloot hij om de uitdaging iets groter te maken, kocht hij een barbecuerooster en loste hij ons net zo hard met een rooster in zijn hand en maar 1 hand aan het stuur.

Ik geef de pen door aan Benjamin. Mijn vraag aan hem: Je bent een vaste waarde als er ergens een ploegentijdrit gereden wordt en je hebt er dan ook heel wat gefietst. Welke ploegentijdrit heb je de beste herinneringen aan en waarom?


Gerelateerde leden
Han Peeneman
Laatste wijziging: 2019-04-07 23:29